ZONDAG
Als ’ t straks gaat donker worden
Verlaat ik pas mijn grijze huis.
De hele dag wil ’ k mij omgorden
Met stilte, zee zonder geruis.
Ik orden wat tot tijd verviel
Nu jaren-, maanden-, wekenlang
En vorm de stof ervan tot ziel
Door woorden, zinnen in te zomen
Met warme, zuivere samenhang
Waarin muziek misschien wil stromen.
Het licht volgt mee dat traag proces
En geeft mij onopvallend les.
Dan wil ik mij weer tot jou richten
En breng je ’ s nachts nog mijn gedichten.
Wilbert Lambrechts, DE VOGELS VAN ORPHEUS, p.10
Berchem, 2002
Verlaat ik pas mijn grijze huis.
De hele dag wil ’ k mij omgorden
Met stilte, zee zonder geruis.
Ik orden wat tot tijd verviel
Nu jaren-, maanden-, wekenlang
En vorm de stof ervan tot ziel
Door woorden, zinnen in te zomen
Met warme, zuivere samenhang
Waarin muziek misschien wil stromen.
Het licht volgt mee dat traag proces
En geeft mij onopvallend les.
Dan wil ik mij weer tot jou richten
En breng je ’ s nachts nog mijn gedichten.
Wilbert Lambrechts, DE VOGELS VAN ORPHEUS, p.10
Berchem, 2002
